Oelegemse stambomen

Ludo Jacops is sinds 2000 bezig met het opstellen van zijn stamboom via de registers van de burgerlijke stand en de parochieregisters, onder meer van Oelegem. In 2019 bood hij aan om voortaan de genealogie of de kwartierstaat op te stellen van de persoon die we interviewen voor ons contactblad. Zo’n genealogie neemt al snel verschillende bladzijden in beslag, dus het is niet mogelijk die daar volledig af te drukken. Daarom brengen we daar enkel een korte samenvatting. Wil je de volledige stamboom bekijken, dan kan dat. Klik op de naam van de persoon in kwestie en je krijgt een pdf met de volledige stamboom te zien!

Een genealogie ‘lezen’ is niet eenvoudig als je er niet mee vertrouwd bent. Daarom heeft Ludo Jacops ook een korte handleiding gemaakt.

De eerste genealogie is die van van François ‘Sooi’ De Herdt, wiens interview we in het het contactblad 2019-02 brachten. Ze voert ons terug naar Kontich waar Joannes De Herdt met zijn vrouw Maria Catharina De Ridder tussen 1760 en 1770 vier zonen op de wereld zet. De volgende twee generaties vestigen zich in Edegem, maar achterkleinzoon Egidius De Herdt verhuist in de jaren 1868-1869 naar Oelegem. Een van zijn zonen, jachtwachter ‘Fonske’ De Herdt (29 september 1867 – 3 oktober 1968), zal de gezegende leeftijd van 101 jaar bereiken! Met de Oelegemse Maria Daems krijgt hij drie zonen en drie dochters. Zoon Louis, schrijnwerker, timmerman én boswachter trouwt ook  met een Oelegems meisje, Stephania Van Camp. ‘Sooi’ (8 maart 1938 – 17 april 2019) was de jongste van hun zes kinderen.

De families de Herdt en Van Deun in 1933 of 1934 op een bank bij de remise van het Vrieselhof. Van links naar rechts: ‘nonkel Sooi’ François Van Deun, grootvader Fons De Herdt, zus Josephine De Herdt, tante ‘Stans’ Constance Van Deun,  neef Raymond Van Deun (met geweer), broer Stan De Herdt, moeder Stephanie De Herdt-Van Camp, vader Louis De Herdt met zus Frieda op schoot. Foto uit privécollectie

De zoektocht naar de voorouders van Gaby Onsea (geboren op 29 september 1919!) heeft ons door heel wat gemeenten van onze provincie gebracht: we vonden de familie terug in Putte, Onze-Lieve-Vrouw-Waver, Sint-Katelijne-Waver, Bonheiden, Schriek, Nijlen, Broechem en Bevel. De oudste momenteel gekende voorouder vonden we in de parochieregisters van Rijmenam: Ludovicus Onsea werd er gedoopt omstreeks 1651 en overleed er op 30 november 1729. Zijn achterkleinzoon Felix Onsea vestigt zich na zijn huwelijk met Anna Catharina Wils in 1877 in Broechem; diens zoon Louis verhuist na zijn huwelijk met  Maria Ludovica ‘Wispiet’ Wuyts naar Oelegem. Uit dit huwelijk kwam onze 100-jarige als vierde kind ter wereld. Haar verhaal kan je lezen in het contactblad 2019-04. Onlangs kregen we bericht dat Gaby op 30 april 2020 zachtjes is ingeslapen.

Vijf vriendinnen warm ingeduffeld om de jaarmarkt te bezoeken poseren voor de winkel van Maria Daniëls.In de winkelraam zie je de weerspiegeling van wat tot voor kort de winkel ‘bij Joris en Gilberte’ was Gaby Onsea staat in het midden. Foto uit privécollectie

In 2020 interviewden we Godelieve Mariën, ‘van den Ossekop’. Haar Oelegemse roots liggen bij haar moeder, Hortense Verpoten. De zeer uitgebreide genealogie van de familie Verpoten begint in het tweede kwart van de 18de eeuw bij Joannes Verpoten en Joanna Catharina Slaets uit Broechem. Opvallend feit: de grootouders van Godelieve, Charel Verpoten en Maria Magdalena Loots, zijn beiden achter-achter-achterkleinkinderen van deze Joannes! De Verpotens zijn generaties lang een Broechemse landbouwersfamilie, die hun bruiden meestal niet al te ver van huis gaan zoeken: ze trouwen met meisjes uit Nijlen, Massenhoven, Emblem, Broechem of Oelegem. Gommaar Verpoten verhuist na zijn huwelijk in 1788 met de Oelegemse Elisabeth Smits naar hier. Charel Verpoten (Oelegem 1869 – 1944) zal breken met de traditie van generaties: hij wordt geen landbouwer, maar bakkersgast en later broodbakker. In 1893 trouwt hij met Maria Magdalena Loots. Ze krijgen elf  kinderen, waaronder de koster Jos Verpoten en meester Gust Verpoten van de jongensschool. Dochter Hortense neemt na haar huwelijk met Sooi Mariën de bakkerij en herberg van haar ouders over. Het verhaal van hun jongste dochter Godelieva Nathalia Florentina Mariën vind je in het contactblad 2020-01.

Gezellig kaarten in de warme bakkerij. Op de rug gezien bakker Armand ‘den Ossekop’ Mariën, naast hem moeder Hortense Mariën-Verpoten, aan de overkant van de tafel Godelieve D’haen-Mariën, haar oudste dochter Marleen en ‘Lowieke van de Keller’, gehuwd met een nicht van Hortense. Foto Gilbert d’Haen, privécollectie.

Tijdens de lockdown omwille van het coronavirus was het moeilijk iemand te interviewen. Dus loste voorzitter ‘meester Johny’ John Van de Velde dit creatief op door zijn herinneringen en informatie uit gesprekken met zijn moeder in interviewvorm neer te pennen. De zoektocht naar de voorouders van de ‘Oelegemse’ tak van de familie, via zijn moeder Marcella Peeters en zijn grootmoeder Fien Daelemans, voert ons naar de zeventiende eeuw en naar Sint-Antonius-Brecht waar op 12 februari 1660 Joannes Claessens wordt gedoopt. Een van zijn kleinzonen, Franciscus Claessens, verhuist tussen 1813 en 1814 met zijn jonge gezin naar Oelegem. Een achter-achterkleindochter, Rosalia Philomena Claessens trouwt op 21 augustus 1902 met de Ranstse fabrieksarbeider Ludovicus Carolus ‘Louis’ Daelemans en volgt – uiteraard – haar man naar Ranst. Hun vierde kind, Josephina ‘Fien’ Daelemans (1906-1985) keert na haar huwelijk met Ludovicus of Louis ‘de Witte’ Peeters (1901-1985) naar Oelegem terug. En daarmee zijn we aan de generaties gekomen waarvan je het verhaal in ons tweede contactblad van 2020 kan lezen.

Vader Staf Van de Velde en de tweeling John en Karina

Voor het derde contactblad van 2020 interviewden we Delphine en Jos Ceulemans. De oudst gekende voorvader van de familie treffen we midden achttiende eeuw in de Lierse parochieregisters. Melchior Ceulemans trouwt op 16 oktober 1746 in de Sint-Gummaruskerk met de Lierse Joanna De Keijser en vestigt zich dan in Broechem. Een kleinzoon, Franciscus Ceulemans (1784-1855) zal de ‘overstap’ naar Oelegem maken. Hij komt aan de kost als landbouwer, dagloner en bakker. Zijn zoon Benedictus en kleinzoon Constantinus ‘Stanneke’ zullen het bakkersambt combineren met de job van gemeenteontvanger. Het eerste huwelijk van Stan, in 1892, met Susanna Constantia Van Mechelen (1867-1910), blijft kinderloos. Met zijn tweede vrouw Aldegondis Aloysia Wens (1875-1937) krijgt hij drie zonen, waarvan er echter slechts één, Remi, de volwassen leeftijd zal bereiken. Remi trouwt met  Josepha Camille ‘Georgette’ Van Camp; het verhaal van twee van hun zes kinderen lees je in het contactblad.

In het vierde contactblad van 2020 vertellen Jules en Edward Sels het verhaal van hun ouders en van hun jeugd. Naar goede gewoonte maakte Ludo Jacops de stamboom van de familie op. De oudste stamvader die hij kon opsporen is geboren rond 1550, in Duffel. Zijn achternaam werd als Zels, Zelle en Zell geschreven. Vijf generaties later trekt Johannes Zell, ook Jan Zels genaamd (1682-1746) weg uit Duffel, naar Boechout. Voortaan zal de schrijfwijze van de achternaam ‘Sels’ zijn. Een van zijn kleinzonen, Joannes Franciscus Sels (1736-1822), lijkt een rusteloze ziel: vanuit Boechout trekt hij met zijn groeiende gezin van Mortsel naar Oelegem, vervolgens naar Wuustwezel en Broechem om tenslotte in Zandhoven te eindigen. Nog eens drie generaties later zal Joannes Constantinus of Stan Sels ( 1909-2005), de stamvader van de familie Sels waarover je in ons contatblad kon lezen, uit Zandhoven vertrekken en zich in Oelegem vestigen.

Het portret van de volledige familie Sels werd genomen na de geboorte van het jongste kind, Rita, op 2 oktober 1952. In de jaren 1950 bevielen nog heel wat vrouwen thuis. Al werd het stilaan de gewoonte om voor een bevalling naar het ‘moederhuis’, de kraamkliniek te gaan. Links naast het bed staan, van links naar rechts: Yvonne (1938), Jules (1939), Greta (1937), Roger (1942), Angèle (1935-2009), Jos (1933-2012) en vader Stan. Rechts naast het bed staan Maria (1934-2001) en Jacqueline (1940-2004). Op het bed zitten links Maurits (1946), Herman (1945-2018) en Gerard (1944); rechts zit de kleine Edward (1949). Centraal uiteraard moeder Jeanne Janssens met in haar armen baby Rita (1952). De dame in het uniform is de zogenaamde ‘goei vrouw’, vroedvrouw mevrouw Smolders-Cuyvers uit Schilde. Zij hielp alle kinderen Sels ter wereld komen.

In ons contactblad 2019-01 kon je een interview lezen met Maria Paulina ‘Plin’ Van Reusel. Op dat ogenblik hadden we nog geen afspraak met Ludo Jacops over het genealogische onderzoek naar onze geïnterviewden. Maar daar is nu een mouw aan gepast. Ludo slaagde er in de voorvaders van Plin te traceren tot in 1759. De verschillende generaties verhuisden, maar in een relatief kleine radius: van Zandhoven over Schilde en Brecht naar Oelegem. Ze zijn en blijven ook over alle generaties heen landbouwers. Omdat er geen kort genealogisch overzicht in het tijdschrift verscheen, gaan we er hier even dieper op in.

In het Zandhoven van het midden van de achttiende eeuw woonde het gezin van Petrus Van Reusel en Elisabeth Vercammen. Op 21 augustus 1759 kregen ze een zoon, die ze nog op dezelfde dag lieten dopen. In een tijd dat de kindersterfte zeer hoog was, was dat de normale gang van zaken: het was belangrijk dat geen enkel kind het risico liep ongedoopt te overlijden. De jongen kreeg net als zijn vader de naam Petrus. Deze tweede Petrus Van Reusel trouwde op 26 juli 1796 in Schilde met de uit dat dorp afkomstige Anna Maria Mertens. Het koppel vestigde zich in Schilde, waar ze drie zonen en twee dochters grootbrachten. Hun oudste zoon, Joannes Baptista Van Reusel (Schilde 24 augustus 1797 – Oelegem 21 maart 1868) trouwde een eerste maal in Schilde op 23 januari 1837 met Anna Maria Hertoghs, waarna ze naar Brecht verhuisden. Ze kregen drie kinderen maar Anna Maria overleed kort na de geboorte van de jongste. Als weduwnaar met een boerderij en drie kleine kinderen hertrouwde Joannes Baptista Van Reusel al snel, op 25 juni 1842, met Joanna Petronella Thys (Schilde 2 november 1817 – Oelegem 18 maart 1883). Uit dit tweede huwelijk volgden nog 5 kinderen, allemaal jongens.

Hun op een na jongste zoon, net als zijn vader Joannes Baptista Van Reusel gedoopt (Brecht 10 november 1850 –  Oelegem 3 juli 1901) vestigde zich na zijn huwelijk op 28 december 1881 met Paulina Dielens (Nijlen 17 oktober 1856 – Oelegem 13 december 1923) in Oelegem. Er kwamen zes kinderen, eerst vier zonen en dan twee dochters. Toen haar man in 1901 plots overleed door een gesprongen appendix, bleef Paulina achter met zes minderjarige kinderen tussen 17 en 3 jaar oud. De oudste, Cornelius Van Reusel (Oelegem 3 juli 1884 – Broechem 10 november 1964), roepnaam ‘Sus’, was oud-strijder van WO I. Als dienstplichtige van het jaar 1906 werd hij gemobiliseerd op 31 juli 1914. Zijn oorlogswedervaren kan je lezen in het boek W.SEGERS, Oelegemse Oud-strijders 1914/1918, het jaarboek 1999 van de heemkundige kring De Brakken. Amper twee weken  nadat hij was gedemobiliseerd trouwde Sus op 31 mei 1919 in Oelegem met de uit Wijnegem afkomstige Maria Elisabeth ‘Lisa’ De Winter (Wijnegem 6 oktober 1889 – Broechem 18 maart 1975). Zij bleven in Oelegem in het gehucht tussen Maas en Moor en  kregen zes kinderen waarvan Maria Paulina of ‘Plin’ ( Oelegem 25 juni 1921 – Lier HeiligHartziekenhuis 14 maart 2020) de oudste was. Plin trouwde op 29 augustus 1942 in Ranst met haar buurjongen Ludovicus ‘Lou’ Kerkhofs, ook bijgenaamd ‘De Pitte’ (Ranst 13 juni 1920 – Lier Heilig Hartziekenhuis 24 november 2003). Haar verhaal kon je lezen in het contactblad 2019-01 van De Brakken.

Plin met kleinzoon Bart op de arm achter de boerderij op de Oelegemsteenweg, naast ‘de ramp’, de brug over het kanaal.